Baybaşin tegenover de denktank van de staat

In mijn werkzame leven kreeg ik op een gegeven moment te maken met een man die gespecialiseerd was in het begeleiden van bedrijven in financiële moeilijkheden en de afwikkeling daarvan. Het was een vrolijke en ook verstandige man, want het eerste dat hij regelde was de financiële afwikkeling voor zichzelf; hij kreeg per dag uitbetaald en zodoende had hij geen zorgen voor de dag van morgen en bracht  de vrolijke noot in sombere tijden.

Op een gegeven moment merkte ik op dat hij er zo vrolijk onder bleef, immers het was één en al ellende waar we in zaten. Lidy, zei hij, leven is emotie, zaken doen is pure emotie en hij schaterde het uit.

Ik moet er nog wel eens aan denken als ik denk aan wat mensen drijft, waarom doen ze wat ze doen, waarom liegen ze, want er wordt gelogen in de zaak Baybaşin, ongelooflijk.

Wicher Wedzinga tweette ooit: ‘de waarheid kent vele gezichten.’ Dat zou ik willen nuanceren: ‘de waarheid draagt vele maskers.’

Wie liegt en wie spreekt de waarheid? Vaak verdraaid moeilijk om te ontdekken. Maar soms beginnen die maskers scheurtjes te vertonen, die het begin van de ontmaskering inluiden.

Voorbeelden, van  scheurtjes in het masker van de onkreukbare overheid, zijn de gewonnen zaken tegen de ambtenaar in functie Demmink, immers hij had zich er persoonlijk mee bemoeid om Baybaşin in isolatie te zetten en had zich, als hoogste man op het departement, het dossier van Baybaşin een tijdje toegeëigend. Baybaşin zal vervolgens wel weer moeten bewijzen dat er stukken uit zijn verdwenen, want de rechter eist een bewijs!

Het leven is emotie maar ook simpel. Als Baybaşin onschuldig levenslang heeft gekregen, en daar ben ik inmiddels helemaal van overtuigd, dan zijn zijn tegenstanders daar schuldig aan. Of het nu bewust of onbewust is, ze hebben er aan meegewerkt en werken er nog steeds aan mee.

Voor het onderhoud van die maskers en die maskerade heb je gerekend naar de omvang van deze Baybaşin-affaire beslist een denktank nodig. De vraag is nu wat de overheid bedacht, bedenkt en gaat doen om die scheurtjes te repareren; damage-control noemen ze dat tegenwoordig. Hoe maskeert de overheid in de zaak Baybaşin de waarheid? Hoe hebben zij de maskers gemaakt? Wie zijn dat, wie hebben aan zijn veroordeling meegewerkt? De waaromvraag zullen we maar even laten voor wat het is, maar hoe krijgen ze het voor elkaar om de man nu inmiddels al 20 jaar uit de weg te ruimen en te isoleren, althans dat wordt geprobeerd, van de maatschappij?

Hoe dat mogelijk is? Wel:

Door met man en macht te werken aan het centraliseren van de macht, dat wil zeggen dat je de groep die macht heeft steeds kleiner maakt. Dat is handig in zn algemeenheid maar in het bijzonder ook in deze zaak. Wat het eerst en het laatst komt is wisselbaar;

Je hebt in ieder geval maatregelen en wetgeving nodig en denktanks met ideeën, door behoeften te suggereren, die als motief gelden voor wetswijzigingen en maatregelen;

Daarmee kun je bijvoorbeeld reorganiseren en mensen op cruciale plekken benoemen en het liefst blijvend;

Door strenge eisen te stellen die de mogelijkheid geven om bewijzen of deskundigen toe te laten of uit te sluiten. Je hebt een kwaliteitsstempel nodig om op de lijst te komen om met het OM, voor rechters en advocaten te mogen werken, als het ware een staatsmonopolie op onderzoek;

Door de controle op openbaar bestuur te beperken bijvoorbeeld ook met het privatiseren van overheidstaken, zodat die niet meer onderhevig zijn aan die WOB;

Door de berichtgeving in de (alternatieve) media te sturen en bepaalde items te negeren of er juist de aandacht op te vestigen om daarmee de publieke opinie te beïnvloeden;

Met het creëren van een beetje chaos, zodat alles onoverzichtelijk wordt;

En met eenvoudig tijd rekken, zoals dat is mogelijk gemaakt met de wet ten voordele, waarin geen tijdslimiet is gesteld;

Kortom door zijn verdediging op alle mogelijke manieren te bemoeilijken.

Dit klinkt allemaal zwaar maar als je goed kijkt gebeuren al deze zaken soms stuitend zichtbaar en nog vaker subtiel en onopvallend, want motieven worden net zo gemakkelijk geconstrueerd als het bewijsmateriaal, als je maar de macht hebt en geen verantwoording hoeft af te leggen.

Laten we eens kijken naar ‘het motief’ voor het reorganiseren van de rechterlijke macht; een wetvoorstel van Ivo Opstelten, ingevoerd door Joris Demmink, inclusief het benoemen, nog vlak voordat hij met pensioen ging op 31 oktober 2012:

“Volgens de regering bestaat in de samenleving een toenemende behoefte aan specialisatie. De huidige structuur van de rechterlijke macht maakt het niet mogelijk op alle terreinen van rechtspraak kwaliteit te bieden. De gerechtsbesturen moeten gereorganiseerd worden. De indeling van de politie, het Openbaar Ministerie en de rechtspraak moeten op elkaar aansluiten om effectiever en efficiënter te kunnen samenwerken.”

En natuurlijk voorziet onze regering in die behoefte van het volk met de wet Herziening Gerechtelijke kaart. En waarin voorziet de wet?

Het wetsontwerp voorziet in een ingrijpende reorganisatie van de rechterlijke macht. De sectoren waarin de rechterlijke werkzaamheden op de verschillende rechtsgebieden verricht worden – onder leiding van een rechter die deel uitmaakt van het bestuur – verdwijnen. Het bestuur van de gerechten wordt teruggebracht tot drie leden, waaronder een niet-rechter ten behoeve van de bedrijfsvoering. Het bestuur van ieder gerecht dient eigen reglementen op te stellen die voorzien in de organisatiestructuur van het gerecht en de taakverdeling binnen het bestuur om te bepalen welke soorten zaken op welke zittingsplaatsen behandeld zullen worden.

Ook het bestuur van de Raad voor de Rechtspraak wordt teruggebracht tot drie leden. Het College van Afgevaardigden – bestaande uit afgevaardigden van de gerechten, dat tot taak heeft de Raad voor de Rechtspraak te adviseren – wordt op termijn afgeschaft.”

“Het wetsontwerp houdt in dat de huidige negentien rechtbanken teruggebracht worden tot tien rechtbanken, en de huidige vijf gerechtshoven tot vier. Bijna de helft van de zestig rechtspraaklocaties worden gesloten, waardoor er 32 over zullen blijven. Slechts op de helft daar weer van zullen na de herziening nog rechters, secretarissen en griffiemedewerkers werkzaam zijn.”

Afgeschaft, teruggebracht, met met deze woorden is de macht gecentraliseerd. Kleine besturen die de zittende magistratuur naar goeddunken mogen inrichten en de taken mogen verdelen onder de rechters. Datzelfde is gebeurd met de staande magistratuur van officieren van justitie per 1 januari 2013.

op 27 maart 2012 stond in een artikel in de Volkskrant het volgende citaat van de Nederlandse Vereniging voor Rechtsspraak, waarvan 80 procent van de rechters en officieren van justitie lid is:

Nu al kan geconstateerd worden dat de gerechtsbesturen in toenemende mate ondergeschikt geraakt zijn aan de Raad voor de Rechtspraak en dat het rechtersambt ‘verambtelijkt’. Het besef dat de rechterlijke macht een van de drie machten vormen die gelijkwaardig is aan de twee andere machten waarop een democratie gebouwd is – de wetgevende en de uitvoerende macht – verdwijnt.

Het heeft niet mogen helpen.  Voortvarend hebben Ivo Opstelten en Joris Demmink de reorganisatie doorgevoerd.

En dan volgt nu het wetsvoorstel rechterlijke macht ,want de maatschappij, en dat zijn wij, willen dat foute rechters worden aangepakt. Natuurlijk! Maar door wie worden ze met deze wet dan aangepakt? Door een onafhankelijke instituut? Nee, door ambtenaren binnen justitie. Een kleine groep, die de macht in handen heeft dankzij de wet Herziening Gerechtelijke kaart. Met de volgende wet, die een zwaard van Damocles in zich herbergt, wordt het mogelijk om lastige rechters in het gareel te houden.

Minister Opstelten (Veiligheid en Justitie) heeft een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd dat de mogelijkheden verruimt om rechters bij ongeoorloofd gedrag of andere ongewenste situaties een passende maatregel op te leggen.

De onafhankelijkheid van de rechters, de officieren van justitie, wordt met de invoering van deze wetten steeds meer aan banden gelegd.

Maatregelen worden ingevoerd, liefst buiten het parlement om, die de controle geven aan een kleine groep binnen het ministerie van justitie en veiligheid over de totale groep. Maatregelen die waar nodig, wanneer de nood aan de man komt, voor (on)eigenlijke doelen kunnen worden ingezet, voor damage-control. Dat is het verhaal.

Baybaşin: Opvolger Grootcrimineel Bruinsma der Lage Landen

Als we de vonnissen en arresten mogen geloven.

Ik moet toegeven dat ik de Roestige Spijker een beetje heb gebruikt als mijn externe geheugen. Daar put ik zo nu en dan uit. Zo ook mijn commentaar op het boek Verknipt Bewijs van Ton Derksen. Ik schrijf op maandag 26 mei 2014 om 14:33 het volgende:

Dan mijn tweede puntje van kritiek, meneer Derksen, die geef ik dan toch ook maar direct. U beweert het volgende:

„De rechter is slecht geëquipeerd om bedrog te ontdekken. Om tot zijn oordeel te komen gaat hij uit en moet hij uit kunnen gaan van de ambtseed van politiemensen, de onkreukbaarheid van OM-ers en de integriteit van het dossier. Een betrouwbare politie, een betrouwbaar OM en daarmee een zo betrouwbaar mogelijk dossier zijn het fundament van zijn oordelen. Als hij daar niet vanuit kan gaan, valt de bodem uit het rechtssysteem.”

Als u stelt dat de rechters slecht geëquipeerd zijn om het bedrog te ontdekken dan geeft u hen niet alleen een generaal pardon, maar u geeft hen daarmee tegelijkertijd een brevet van onvermogen en zet hen in een volkomen afhankelijke positie t.o.v. het OM, de politiemensen en onderzoeksinstituten als het NFI.

U schetst met deze stelling de omgekeerde wereld, waarbij de rechters ondergeschikt zijn aan -en niet meer dan marionetten van het OM. Een soort van veredeld secretariaat. Toch is het de rechter die zijn oordeel geeft en zijn handtekening zet. Hij of zij is hoe dan ook verantwoordelijk voor de veroordeling.

Tot zover mijn commentaar: laten we nu eens kijken waar de rechters hun oordeel met behulp van OM, politie, en NFI ‚formeel’ op hebben gebaseerd.

Eerst enkele gebeurtenissen in de tijd:

24-12-1995 tot 24-12-1996

De uitleveringsdetentie. Nederland probeert Baybaşin uit te leveren aan Turkije, dit mislukt.

25-12-1996 tot september 1997

Huisarrest in Nederland. Hij staat onder toezicht van veiligheidsdiensten en politie. Wanneer zijn uitlevering aan Turkije, n.a.v een door Baybaşin aangespannen kort geding, definitief wordt verboden is vrij om te gaan en te staan.

van september 1997 – 28 maart 1998 kan hij zich vrij bewegen in Nederland. In deze periode wordt een aanslag op hem gepleegd. Ondertussen wordt Baybaşins telefoon, zo wil het OM ons doen geloven, vijf maanden lang afgeluisterd. Er zijn volgens justitie 6000 telefoongesprekken getapt, gemiddeld 40 gesprekken per dag.

Hij wordt 28 maart 1998 opgepakt voor gepleegde delicten gedurende die vijf maanden dat hij vrij man was.

Zijn voorarrest wordt op 29 februari 2001 omgezet in een gevangenisstraf van 20 jaar en een jaar later

Op 30 juli 2002 wordt Baybasin in hoger beroep tot levenslang veroordeeld. Cassatie wordt afgewezen per Oktober 2003 . De commissie Buruma, waar advocaat Wladimiroff deel van uitmaakte, is ook niet onder de indruk en laat hem zitten op 1 februari 2011.

Toch start Baybasin direct daarna op 1 april 2011 een Herzieningsverzoek dat tot op heden in onderzoek is bij Advocaat generaal Aben van de Hoge Raad.

De periode waarbinnen het OM de strafbare feiten heeft geconstateerd ligt tussen september 1997 tot februari 1998. Welgeteld vijf maanden dus.

Een paar citaten uit het vonnis in Hoger Beroep. U hoeft het niet nauwkeurig te lezen, dat is bijna geen doen. Het bevestigt de periode en de criminele organisatie waar Baybasin leiding aan gaf:

hij in in of omstreeks de periode van 28 oktober tot en met 9 november 1997 te [pleegpplaats], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, opzettelijk en met voorbedachten rade [slachtoffer 1] van het leven heeft beroofd;
9 november 1997 te [pleegplaats] opzettelijk heeft uitgelokt door giften en/of beloften en/of geweld en/of bedreiging en/of door het verschaffen van gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen, te weten etc etc

van 27 november 1997 tot en met 30 november 1997 te [pleegplaats], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, opzettelijk [slachtoffer 3] (alias [alias 1]) in een pand (woning) wederrechtelijk van de vrijheid heeft/hebben beroofd en/of beroofd heeft/hebben gehouden door die [slachtoffer 3] in dat pand (die woning) vast te houden en/of te verhinderen dat die [slachtoffer 3] dat pand/die woning kon verlaten, met het oogmerk één of meer anderen (familieleden en/of bekenden van die [slachtoffer 3]) te dwingen tot betaling van een openstaande (heroïne)schuld, welk feit hij, verdachte in of omstreeks de periode van 22 november 1997 tot en met 27 november 1997 te [pleegplaats], tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk heeft uitgelokt door giften en/of beloften en/of door misbruik van gezag en/of geweld en/of bedreiging en/of door gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen te verschaffen, hebbende hij verdachte

hij in of omstreeks de periode van 9 november 1997 tot en met 9 januari 1998 te [pleegplaats] tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, om een feit als bedoeld in het derde of vierde lid van artikel 10 van de Opiumwet , te weten het opzettelijk bereiden en /of bewerken en/of verwerken en/of verkopen en/of afleveren en/of verstrekken en/of vervoeren en/of binnen het grondgebied van Nederland brengen van ongeveer 23 kilogram, althans ongeveer 20 kilogram heroïne, in ieder geval een hoeveelheid van een stof bevattende heroïne (diacetylmorfine), zijnde heroïne (diacetylmorfine) een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I (niet zijnde een hoeveelheid van 20 kg heroïne bestemd voor [betrokkene 4], althans voor een ander dan hem, verdachte), voor te bereiden en/of te bevorderen één of meer anderen heeft getracht te bewegen om dat feit/die feiten te plegen, te doen plegen, mede te plegen, uit te lokken en/of om daar behulpzaam bij te zijn en/of om zich en/of (een) ander(en) daartoe gelegenheid, middelen en/of inlichtingen te verschaffen, en/of voorwerpen en/of vervoermiddelen en/of gelden voorhanden heeft/hebben gehad, waarvan hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en), althans ernstige redenen had(den) om te vermoeden dat die bestemd was/waren voor het plegen van dat feit, hebbende hij, verdachte, en/of één of meer van zijn mededader(s) (telkens) opzettelijk met betrekking tot die heroïne gelden (ter financiering van de aankoop en/of het transport van die heroïne), ter beschikking gesteld en/of ter beschikking laten stellen (aan met name [betrokkene 2]) en/of instructies verstrekt aan één of meer (zich in Turkije bevindende) personen (met name aan [betrokkene 2] en/of ene [betrokkene 6] en/of ene [betrokkene 7]) en/of contacten gelegd en/of onderhouden met (tussenpersonen van) één of meer koerier(s) en/of contacten gelegd en/of onderhouden met (tussenpersonen van) één of meer leveranciers, één en ander om tot overdracht
en/of het binnen het grondgebied van Nederland brengen van die heroïne te komen;

hij in of omstreeks de periode van [periode] 1998 te [pleegplaats] door misbruik van gezag en/of door het verschaffen van inlichtingen heeft gepoogd een ander, te weten [medeverdachte], te bewegen een misdrijf te begaan, te weten het tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen opzettelijk en met voorbedachten rade een of meer anderen, te weten [slachtoffer 4] en/of [slachtof[slachtoffer 5] van het leven beroven, hierin bestaande dat verdachte

etc. etc etc.

(Om het hele arrest, dat pas begin 2013 is gepubliceerd, te lezen klikt u hier.)

Wat opvalt in het vonnis is het woord pleegadres. Dat is de plek waar het misdrijf heeft plaatsgevonden, dat kon overal zijn, in Turkije, Kentucky, anywhere. Maar had Nederland dan wel het recht om deze man te vervolgen?

5.4 Betreffende de vraag of de Nederlandse rechter al dan niet rechtsmacht heeft met betrekking tot een of meer van de aan verdachte ten laste gelegde feiten merkt het hof het navolgende op:

De rechter schrijft: “Met betrekking tot uitlokking van een strafbaar feit geldt dat (mede) als locus delicti dient te worden beschouwd de plaats alwaar de uitlokkinghandelingen plaatsvonden.”

Dus ja, het OM had volgens de rechter wel degelijk recht om tot vervolging over te gaan want, het coördinatie centrum, van waaruit onze „Europese Pablo Escobar”, zoals hij in de media werd genoemd ,opereerde was het idyllische plaatsje Lieshout in Noord Brabant. Dus was Lieshout mede Locus Delicti ofwel plaats van delict. Tja ook weer opgelost zullen we maar zeggen. Toen de advocaat naar aanleiding van Baybaşins arrestatie in 1995 de rechtmatigheid daarvan betwistte, werd dit genegeerd. We weten nu dat die arrestatie berust op een diplomatiek verzoek van Turkije aan Nederland.

Hoe dan ook, terugkomend op de bewijsvoering met betrekking tot de arrestatie in 1998: wij moeten dan geloven dat deze man Baybaşin, die zich zo bewust was van zijn positie hier in Nederland; op wie jacht werd gemaakt vanuit Turkije als zijnde staatsvijand numero 2; die ook hier moest vrezen voor zijn leven, immers hij overleefde in die periode maar ternauwernood een aanslag; wij moeten dus geloven dat deze man in een periode van vijf maanden in staat was een criminele organisatie op poten te zetten, bemanning te recruteren, opdrachten uit te delen, liquidaties te laten uitvoeren, een handel in Heroine te laten floreren en daarmee een miljoenen omzet te genereren.

Wij, burgers van Nederland moeten geloven, op basis van deze vonissen of arresten, dat wij hier te maken hebben met de opvolger van grootcrimineel Bruinsma der Lage Landen; dat we te maken hebben met een man die stoïcijns zijn grootgruttersbedrijf in de Heroine en aanverwante zaken zoals moord, gijzeling etcetera etcetera, vanuit het centrum van zijn misdaadorganisatie in het idyllische stadje Lieshout, als een zieltje zonder zorg, via de telefoon zijn handel en manschappen bestierde en dat hij daarmee in die periode van vijf maanden miljoenen verdiende. Zoveel dat de Nederlandse staat zich gerechtigd voelde al zijn bezittingen in beslag te nemen. Daarvoor heeft Baybaşin uiteraard een zaak aangespannen, de zoveelste, een zaak die net als alle andere zaken, tergend langzaam verloopt.

En waar kennen we die Bruinsma ook alweer van? O ja de IRT-affaire. Roerige tijden die jaren negentig.

waarom zijn de bananen krom

De waaromvraag is de meest essentiële vraag, maar nauwelijks gesteld. Als kind word je al aangeleerd dat je niet te veel van die waaromvragen moet stellen en blijf je dat desondanks doen dan ben je al gauw een lastig kind en word je weggestuurd met een gemeenplaats als, ja waarom, waarom zijn de bananen krom. En daar moet je het dan mee doen. Ik heb er zelf ook vele malen aan meegewerkt, eerlijk gezegd. Niettemin blijft het de meest essentiele vraag die je kunt stellen, de vraag naar de oorzaak, de vraag naar motieven, de vraag die in de volwassen wereld niet altijd wordt gewaardeerd.

Ooit kwam een man naar mij toe die door een saneringsplan ontslag kreeg. Hij vroeg: Waarom ik? Ik zei dus: “Jongen, dat is de meest essentiele vraag die je kunt stellen”, en gaf hem de raad naar de directeur te gaan om hem die vraag voor te leggen. Ik zei: “En als hij je een heel verhaal vertelt, maar geen antwoord heeft gegeven op jouw vraag dan zeg je: “Ja maar het is me nu nog steeds niet duidelijk: Waarom moet ik vertrekken?” Hij heeft van de directeur nooit antwoord gekregen maar de vertrekpremie werd steeds hoger. Ik heb het hem later wel verteld onder de grootste geheimhouding uiteraard.

In bovenstaand voorbeeld werkte het financieel in het voordeel, maar vragen naar het waarom kan ook een heilloze, gevaarlijke of zelf onbegaanbare weg zijn.

Waarom ik? waarom Baybaşin?

Laten we ons nu eens verplaatsen in wat Baybaşin is overkomen: Hij komt in december 1995 naar Nederland als toerist, zoals dat heet, en wordt direct over de grens door een Nederlands arrestatieteam aangehouden en naar een detentiecentrum gebracht om uitgeleverd te worden aan Turkije. Hij weet dat hij in Turkije wordt gemarteld en mogelijk de doodstraf krijgt, omdat hij door de Turkse regering wordt beschuldigd van landverraad, in verband met zijn activiteiten voor een vrij Koerdistan, immers hij was medeoprichter van de Koerdische regering in Ballingschap in Brussel en in Den Haag. Hij vraagt daarom als de gesmeerde bliksem asiel aan.

Zijn advocaat bestrijdt met succes de uitlevering, maar het aantonen van de onrechtmatigheid van de arrestatie in 1995 is niet gelukt. Er moet een organisatie aan zijn arrestatie vooraf zijn gegaan, maar niets daarover is duidelijk geworden. Dat gegeven verdwijnt uit beeld. En toch was dat essentieel, want waarom vond Nederland zich gerechtigd Baybasin aan te houden danwel te arresteren direct over de grens?

Duidelijk is  dat de periode 1995-1998 geen aandacht mag krijgen in de media. Dat geldt overigens helemaal voor de zaak Baybaşin. Hoe dan ook, het verhaal is dat de arrestatie in 1998 helemaal losstaat van de aanhouding in 1995. Gesuggereerd wordt zelfs in de media dat Baybaşin als asielzoeker naar Nederland kwam.

Wat blijkt na zoveel jaren: een arrestatiebevel is er niet en is er ook nooit geweest. Aan de arrestatie ligt een diplomatiek verzoek van de Turkse -aan de Nederlandse regering ten grondslag, een Herenakkoord of Gentlemen’s Agreement, en dat is pas recent via het WOB verzoek van Ton Hofstede over deze kwestie duidelijk geworden. En zoals we weten komt daar niets van op papier en dan kunnen er wat tegenstrijdigheden ontstaan in de publieksvoorlichting van beide landen, zo valt te lezen in het artikel van Kees van der Plas:

„Op 27 maart 1998 organiseerde Murat Basesgioglu, de Turkse minister van Binnenlandse Zaken in allerijl een persconferentie. Die dag was in Nederland de vermogende Koerdische zakenman Huseyin baybasin gearresteerd. De minister eiste de eer voor zichzelf op: „Wij hebben Baybasin gearresteerd” zo zei hij dat letterlijk. En hij kon ook precies uitleggen waarom: „ Baybasin ondersteunt met grote sommen geld de Koerdische TV-zender Med-TV, het Koerdische parlement in ballingschap en de PKK. dat hebben we nu een halt toegeroepen.”

Het Nederlands Openbaar Ministerie legde het iets anders uit: Baybasin was gearresteerd omdat hij leider was van een ongekend groot misdaadconcern. Men ( let op niet wij of het OM) had vijf maanden zijn telefoon afgeluisterd. Hij verdiende miljoenen met zijn drugshandel en minstens twee keer had hij met zijn autotelefoon in code taal ( let op: make him call was de codetaal voor maak hem koud) vanuit Nederland een opdracht tot moord gegeven, in de Verenigde staten en Turkije.”

Meneer de rechter, wie spreekt hier de waarheid? Turkije of Nederland. Wat mij betreft is het een vraag naar de bekende weg, maar ik zou het u zo graag hardop willen horen zeggen.

De Raad van Discipline Wladimiroff-Baybasin

Het vrouwe justitia symbool is het symbool van rechtvaardigheid. Een geblinddoekte vrouw, met in de ene hand een weegschaal en in de andere hand een zwaard. Denkend aan de zaak Baybaşin krijgt dat zwaard toch een andere betekenis en is het in de handen van zijn rechters eerder een zwaard van Damocles.

Die weegschaal die weegt naar gelang het belang, zo kreeg ik de indruk. Dus welk belang weegt het zwaarst. Als je in de rechtszaal zit, zoals ik vorige week maandag, dan zie je Lees verder De Raad van Discipline Wladimiroff-Baybasin

Baybasin, Wladimiroff en de Raad van Discipline

“Ik eis een bewijs”, zei de voorzitter van de Raad van Discipline. Zo ongeveer dan, maar in feite komt het daar op neer, toen Baybaşin ter zitting uitlegde, op vragen van de rechter, hoe het was gegaan met de advocaat Wladimiroff voor wat betreft het betalen van zijn diensten.

De rechter zei: U hebt de zaak aangespannen, u moet bewijzen, en dus onderbrak de vz van de raad van Discipline regelmatig Baybaşin’s verhaal met: Heeft u daar een reçu van? of: Heeft u daar een kopie van gemaakt?

Baybaşin verdedigde zich en vertelde de voorzitter dat hij antwoord gaf op de vragen, door de gang van zaken te schetsen, maar dat hij de gevraagde bewijzen niet kon overleggen. Hij voegde daar aan toe dat binnen de gevangenis alles wordt geregistreerd, bovendien had hij post aan Wladimiroff aangetekend verstuurd, waarvoor hij per keer 13 euro moest betalen, dus het moest wel te achterhalen zijn.

Hij schetste de Raad hoe moeilijk het was om een dossier compleet en op orde te houden in de gevangenis, omdat het dossier keer op keer in beslag werd genomen en er zaken uit verdwenen. Ook het kopiëren in de gevangenis is niet eenvoudig te realiseren voor een gedetineerde.

Het dossier was meerdere keren vanuit zijn cel meegenomen, ook door Demmink en dat weet ik mij nog te herinneren uit één van zijn radio optredens bij Talk2Myra, en zelfs Peter R. de Vries heeft zijn dossier, onder het mom van mogelijk hulp, in vertrouwen meegekregen. Ook toen bleken er na teruggave stukken uit verdwenen.

Hoe dan ook de voorzitter van de Raad ging daar niet op in, in tegendeel het bleef: maar toch, maar toch, maar toch, meneer Baybaşin, u hebt deze zaak aangespannen, dus u moet bewijzen met reçu’s en kopieën etcetera, etcetera.

Het zal duidelijk zijn dat de tegenpartij Wladimiroff en zijn advocaat het hier roerend mee eens waren. En objectief gezien is dat standpunt juridisch zeker juist, maar was het redelijk? Nee, niet zoals het werd gebracht en niet na zoveel maanden van uitwisseling van standpunten. Vragen werden gesteld, die de rechters tijdens de voorfase van uitwisseling van standpunten m.i. ook hadden kunnen bedenken, maar werden bewaard tot de afrondende mondelinge bespreking, alsof die ter plekke spontaan bij hen opkwamen.

Dit  alles gebeurde tijdens de openbare zitting op 26 januari j.l. van de door Baybaşin aangespannen zaak tegen zijn voormalig advocaat Wladimiroff, die prompt ontkende ooit voor Baybaşin te hebben gewerkt. Hij wist van niks, kon zich niets herinneren en had nooit iets ontvangen, geen dossier, geen geld. Het waren slechts orienterende contacten die niet hebben geleid tot een werkrelatie. Zo zou ik het willen samenvatten.

De naam Demmink zei hem, als voormalig internationaal jurist, helemaal niets, totdat hij er door de tegenpartij mee werd geconfronteerd. Hij had ook nooit bemoeienis gehad met het besluit om het horen van een getuige in Turkije, die ontlastende verklaringen voor Baybaşin wilde afleggen tegenover de Nederlandse rechter commissaris, niet door te laten gaan. Dat was van een ander niveau, uitvoeringsniveau, zo beweerde hij glashard.

De rechters zwegen stil. De enkele vraag die Wladimiroff werd voorgelegd werkte in feite bevestigend voor zijn gelijk. Wat mij betreft vroegen de rechters vooral naar de bekende weg. Vragen waarbij je bij voorbaat al het antwoord weet, maar nog graag even uitgesproken wilt hebben? De voorzitter vroeg nog net niet aan de griffier: “Heeft u dat genoteerd?” De vragen werkten telkens in het nadeel van Baybaşin en in het voordeel van Wladimiroff.

‘Van der Plas en Baybaşin geloven in een complot’, sprak Wladimiroff,  op een soort van genoeglijk ons kent ons toontje, tegen de rechters.

Laten we dat zeer beladen woord in het vervolg maar achterwege laten, bedacht ik later, en het hebben over een Gentlemen’s Agreement of Herenakkoord, waar niets van op papier komt te staan. Kom er dan maar eens achter, als er zoveel obstakels worden opgeworpen. En hetgeen je dan ondanks de obstakels wel kunt bewijzen wordt genegeerd of geweigerd. Dat mag de rechter, volgens de wet, zonder enige verantwoording daarover af te leggen.

Van Wicher Wedzinga las ik ooit een tweet waarin hij beweerde dat een onvolkomen rechtsgang niet altijd tot een onjuist oordeel leidt. Hij schreef dat ter verdediging van het OM. Die onvolkomenheden in de rechtsgang heeft  Baybaşin ten volle mogen ervaren, keer op keer, echter in zijn nadeel. Ton Derksen heeft er een boek over geschreven: Verknipt Bewijs.

23 maart weten we meer, dan komt de Raad van Discipline met haar oordeel of met een tussenstandpunt. We wachten maar weer af, maar wachten duurt lang als je levenslang hebt gekregen.

 

p.s. : Toch heeft het hof van discipline Baybasin niet helemaal met lege handen laten staan. Kon ook moeilijk met het overlegde bewijs ( zie bij commentaren) De beslissing was als volgt:

“7 BESLISSING De Raad van Discipline: – verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn klacht voor zover die onderdeel a. betreft; – verklaart klachtonderdeel b. gegrond; – legt daarvoor aan klager de maatregel van enkele waarschuwing op. Aldus gewezen door jhr. mr. A.W. Beelaerts van Blokland, mrs. M.G. van den Boogerd, W.J. Hengeveld, P.J.E.M. Nuiten en P.C.M. van Schijndel, leden, bijgestaan door mr. M.M.C. van der Sanden als griffier en uitgesproken ter openbare zitting van 23 maart 2015.”

En punt b betreft uitsluitend de ‘schijn’ van belangenverstrengeling.

“5.17 Al met al is de raad van oordeel dat er in elk geval een schijn van belangenverstrengeling bestaat en dat die schijn door verweerder had moeten worden voorkomen. Met andere woorden, hij had in redelijkheid niet kunnen en mogen besluiten om voor Demmink te gaan optreden zonder daarvoor uitdrukkelijk de toestemming van beide partijen te vragen. Zodra hem bekend werd dat de kwestie te nauw verstrengeld was met de strafzaak tegen klager, had verweerder zich moeten onttrekken. Dat heeft hij niet gedaan en dat levert naar het oordeel van de raad een tuchtrechtelijk verwijt op. 5.18 De klacht is in zoverre gegrond.”

Hüseyin Baybaşin en de behoeftenhierarchie van Maslow

De behoeftenpyramide van Maslow kan prima fungeren als leidraad, immers we kennen en herkennen deze behoeften ook bij onszelf. Dus is dit ons gemeenschappelijk kader voor the story of the life of Baybaşin.

Het plan voor deze website omvat die verschillende nivo’s van Maslow, echter onder andere noemers, noem het aandachtvelden waaronder de artikelen worden gerangschikt, nl:

Nivo 1: Zijn leefwereld
Hoe was dat vroeger, voordat hij in Nederland gevangen werd gezet. Hoe was en is dat leven in de gevangenis, hoe gemakkelijk en hoe moeilijk is het gevangenisregime voor hem. Wat maakt hij mee? En hoe is dat als je privacy je praktisch helemaal is ontnomen. Wat weten wij daar eigenlijk van. Veel te weinig en daar gaan we iets aan doen.

edit 28-07-2015: Toen ik Baybasin vertelde dat het een goed idee zou zijn om het publiek kennis te laten maken met hemzelf als persoon, toen reageerde hij niet enthousiast. Ik heb het daarom laten rusten en begreep het toen ik het interview opnieuw beluisterde dat hij had met Talk2Myra, waar hij vertelt hoe hij door Frank Bovenkerk werd geportretteerd in zijn De Turkse Maffia. Ik heb daar een aantal artikelen over geschreven:

Baybasin en the dutch factfactory

Het verhaal van Huseyin Baybasin

Baybasin en de storytellers

Baybasin en de fijne heren der wetenschap

Mijn artikelen over Norgerhaven werden via de refli shortener gehackt en onbereikbaar gemaakt tot na de besluitvorming in de Tweede Kamer, daarna was het probleem weer opgelost door refli.

Nivo 2: Zijn gevecht om recht
Welke zaken lopen er en hoe verlopen die. We gaan het hebben over zijn ervaringen en aanvaringen met ons rechtssysteem. En wie er met hem vechten voor zijn recht: advocaten, zoals Adèle van der Plas: de schrijvers Ton Derksen en Rein Gerritsen met hun onthullende boeken. Bloggers als Ton Hofstede, ik heb weliswaar wel eens kritiek op hem, maar hij hoort hier beslist bij; Talk2Myra die Baybaşin een stem geeft via haar radioprogramma en veel meer mensen die openlijk voor hem opkomen bijvoorbeeld via Twitter.

edit 28-07-2015: Helaas heb ik nu juist van deze mensen veel weerstand gekregen op mijn artikelen. En zelfs zodanig dat ik gesommeerd werd de website in zn geheel te deleten.

Nivo 3: Zijn contacten met de buitenwereld
Naarmate we stijgen op de ladder wordt het verdriet voelbaar als je je verplaatst in zijn situatie daar in Norgerhaven waar hij nu verblijft. Zijn gezin die hij sporadisch ziet. Hoe is dat nu voor hem, voor hen. Daar moeten we het over hebben, want er is ook nog een toekomst. Zodra Baybaşin het contact met de buitenwereld verliest is het afgelopen. En dat gaat niet gebeuren. Ook daar wordt aandacht aan besteed.

edit 28-07-2015: Naar aanleiding van deze website heb ik een aantal keren telefonisch contact met hem gehad en dat ook kenbaar gemaakt. Niet lang daarna werd het contact met een naar mijn idee, vergezocht excuus, eenzijdig plotseling verbroken.

Nivo 4: Zijn (zelf)vertrouwen
Baybaşin heeft het altijd over the good people of Holland. The good people of Holland zullen hun uiterste best doen om het vertrouwen te herstellen. Hoe we dat gaan doen, en hem dat kunnen laten zien, daar gaan we rustig over nadenken.

edit 28-07-2015: Nogmaals zoals ik dat heb aangepakt en blijf aanpakken wordt door zijn vriendenkring niet op prijs gesteld.

Nivo 5: Hüseyin Baybaşin, de man, zijn leven, zijn toekomst!
Het wordt tijd dat de Nederlanders kennis met hem maken.

edit 28-07-2015: En dat doe ik op mijn manier. Iemand verweet mij dat ik niet bescheiden was. Ik zou net als haar elke dag met een t-shirt moeten lopen met het opschrift Free-Baybasin. Dat is prijzenswaardig, maar het is niet mijn manier.

Baybasin: politiek gevangen in Nederland

Baybaşin zelf zegt het! En dit is het verhaal over Baybaşin. Binnenkort verschijnt een nieuw boek van Rein Gerritsen over deze kwestie:

“In 1989 doet de Koerdische zakenman Huseyin Baybasin een boekje open over de nauwe samenwerking tussen de Turkse regering, het leger, de douane en de georganiseerde misdaad. Jaarlijks wordt er voor vijftig miljard dollar aan heroïne via de Balkan-route gesmokkeld naar Europa, met Nederland als belangrijkste doorvoerhaven. Nog tijdens de persconferentie wordt Baybasin gearresteerd. Als hij vrij komt, vlucht hij naar Groot-Brittannië, van waaruit hij, op 12 april 1995 te Den Haag, het Koerdische parlement in ballingschap opricht. De Koerdische vrijheidsstrijd brengt zowel de Nederlandse als de Turkse overheid in verlegenheid. De toetreding van Turkije tot de Europese Unie staat op het spel.

De beide landen besluiten al in 1989 Baybasins telefoon te tappen. De taps blijken zo belastend dat Baybasin levenslang krijgt wegens moord en drugshandel. Maar de taps blijken later vervalst, wat leidt tot een herzieningsaanvraag in de zaak Baybasin.

Is Baybasin een politieke gevangene? Filosoof Rein Gerritsen spitte de zaak uit. Het resultaat is een meeslepend verslag waarin Turkse en Nederlandse veiligheidsdiensten, politie, ministers, en topambtenaar Joris Demmink in het bijzonder, een dubieuze rol spelen. Spannend, smerig en helaas waar; het levensverhaal van de Turkse Koerd Huseyin Baybasin.”

ISVW-uitgevers, € 19,95 | 160 blz. | paperback | 14,5 × 21 cm | ISBN: | NUR:
730 | A-boek | april 2015

Toch eens een vraag gesteld aan Rein Gerritsen op twitter

De dialoog die daarop volgde:

Rein Gerritsen : B’s arrestatie en gevangenschap hebben niets van doen met bewijzen pro of contra, maar alles met politiek handjeklap.

Rein Gerritsen: Dus of mijn boek B uit gevangenschap helpt? Wel als de politiek van mening is dat we het IRT-debat over moeten doen. ldbroersma: Welnu met de huidige ontwikkelingen en onthullingen rond Teeven is dat wellicht een gouden moment!

Rein Gerritsen: Ik denk niet dat ik na de verschijning van het boek nog ergens welkom ben, maar ja. Noblesse oblige. ldbroersma: Maakt het wat uit als ik je zeg dat je bij mij altijd welkom bent?

Rein Gerritsen: Moet wachten met publicatie tot na Abens definitieve uitspraak in herziening.

ldbroersma: Je hebt geen vertrouwen in de herziening en toch moet je wachten? Van wie moet je dat?

Rein Gerritsen: Heeft te maken met documenten die dan pas vrijgegeven mogen worden.

ldbroersma: Dan vrees ik dat je lang kan wachten met je publicatie. Wat een slimmeriken! Iene miene mutte, Aben is aan zet. ldbroersma ‏:Dus je hebt de documenten bij Aben ingeleverd en toen stelde hij die voorwaarde, anders zou het niet meetellen in de herziening?

Rein Gerritsen: Nee, nee. Het gaat om justitiële documentatie. ldbroersma: ok, zit dat zo, dus jij wacht op het vrijkomen daarvan en daarna kun jij verder met je boek. Je hebt de inhoud ter inzage gehad.

ldbroersma: Maar hoe zit dat dan met de documenten die jijzelf hebt? Of zijn die niet van belang voor Baybasins herzieningsverzoek?

Rein Gerritsen: ‏ Nee, Tons boek is van belang voor herziening, het mijne niet. Ik beschrijf geen casus maar een probleem, groot probleem. ldbroersma: Een probleem dat samenhangt met de IRT affaire: drugs, moord, intriges, grote sommen geld op het hoogste niveau.

ldbroersma: Abens doel is de reputatie van de staat te beschermen Hij zal dan niet blij zijn met de komst van je boek! Betekent? ldbroersma: Betekent een reden meer om de eindconclusie mbt het herzieningsverzoek van Baybasin uit te stellen. Zoek een manier!  Dat laatste wat kort door de bocht, maar twitter heeft zo zijn beperkingen. Ik bedoelde te zeggen: zoek een manier om daarvan los te komen.

Hieronder het interview dat Talk2Myra vervolgens  in april 2015 had met Rein Gerritsen over dit boek:

Gelukkig heeft Rein Gerritsen kans gezien toch eerder, dan de uitspraak in het herzieningsverzoek van Baybasin, tot publicatie over te gaan:

Als nieuwe publicatiedatum wordt 10-10-2015 bij de diverse webwinkels genoemd. Ben een beetje voorzichtig, want de datum is keer op keer verschoven. Maar voorlopig ga ik er van uit dat we het boek op of omstreeks die datum tegemoet kunnen zien. Wel met blijkbaar een andere titel