Baybaşin en het bewijs van het gelijk

Wanneer je op valse gronden met verknipt bewijs, zoals Baybaşin is overkomen, wordt veroordeeld dan wil je weten: Waarom? Waarom hebben ze jou dat geflikt? Waarom ben jij bijvoorbeeld ontslagen? Waarom jij?

Maar past dat binnen ons rechtssysteem, waar de rechter oordeelt over het gelijk van één van de partijen, nadat die hun standpunten een tijdje onderling uitwisselden?

Reinier Bakels verwoordt het in een commentaar als volgt: “Rechters zijn gehouden om hun beslissingen niet alleen op:
1.deugdelijk bewezen feiten te baseren, maar ook op
2.een deugdelijke motivering vanuit wetgeving en jurisprudentie. “

Anders gezegd, de rechter gaat niet achter het waarom aan, de motieven, behalve als het hem/haar zo uitkomt vanwege opportunische redenen blijkt af en toe. Maar normaal gesproken buigt de rechter zich vanachter zijn bureau als een veredelde scheidsrechter over de stukken van aanklager en verdediging, met achter zich een rij wetboeken, stelt nog een paar vragen tijdens de zitting en wijst na het raadplegen van de wetteksten en wijs beraad het gelijk toe aan de één of de ander.

De waarheid, vertelden advocaten ( o.a. Spong, Moszkowicz en een heer uit Arnhem, waarvan mij de naam steeds ontschiet maar die ik oneerbiedig Pistolen Paultje* noem), Mr Theo Hiddema is de naam, de waarheid is in het recht niet aan de orde.

Dat was het unanieme oordeel van die advocaten eind vorige eeuw, in een voor mij bijzonder indrukwekkende en schokkerende documentaire van de VPRO. In elke aflevering stond een advocaat centraal die, onder een felle lamp gezeten, deze gewetensvraag, over de waarheid in het recht, moest beantwoorden.

De waarheid is in ons rechtssysteem dus niet aan de orde, maar het gelijk. Ik zou dat willen aanvullen met: Het bewijs van het gelijk.

De rechter bepaalt wie het bewijs mag leveren, welk materiaal of welke informatie het keurmerk bewijs krijgt en wat te licht wordt bevonden. Welke getuigen wel of niet worden verhoord. Echter zoals we meerdere malen hebben kunnen zien, worden ‘bewijzen’ ook in elkaar geknutseld, soms niet van echt te onderscheiden.

Voor wat betreft het bewijzen neemt het OM een voorkeurspositie in ten opzichte van de verdachte in een strafzaak. Je kunt het zelfs letterlijk zien in de rechtszaal, waar de aanklager op gelijke hoogte als de rechter, nog erger eigenlijk als je goed kijkt, boven de rechters uittorend zijn betoog mag houden, als ware hij de rechterhand van de rechter.  De verdachte met zijn advocaat bevinden zich op een lager nivo tegenover de rechter. Dat zijn de verhoudingen. Je ziet het gewoon voor je.

Ons rechtssysteem kan niet uit de voeten met het waarom van een veroordeling of de achterliggende motieven; kan niet uit de voeten met de waarheid an sich. Het gaat uit van bewijzen en bewijsvoering en dan mogen we hopen dat het bewijs niet in elkaar geknutseld is, zoals in het geval van Baybaşin.

Het bewijzen van het waarom of het motief achter een veroordeling is een moeilijke zo niet onmogelijke weg, laat staan als je zoiets als een complot wilt bewijzen. Een woord dat door Baybaşin en Van der Plas helaas zelf is geintroduceerd in 2007, zo valt te lezen in hun verdediging:

“5. Inmiddels is gebleken dat de vervolging van aangever is voortgekomen uit een complot tussen enerzijds Turkse “belanghebbende kringen”, waaronder hoge tot zeer hoge ambtenaren en zelfs ministers, anderzijds (onder meer) Nederlandse hoge tot zeer hoge (politie- en justitie-)ambtenaren.”

Dat was tactisch geen handige zet, gezien de ontwikkelingen daarna, want hoe zijn de tegenstanders er mee aan de haal gegaan en, zoals Wladimiroff recent, dat nog steeds doen.

Binnen ons rechtssysteem moeten we ons daarom richten op datgene waarop het is ingesteld, namelijk de ten laste legging: Baybasin zou leiding hebben gegeven aan een omvangrijke criminele organisatie, die handelde in heroïne, waarmee enorme sommen geld werden verdiend, en heeft opdracht gegeven tot het vermoorden van twee mensen. Het bewijs daarvan heeft het OM voor 99% gevonden in de afgeluisterde telefoongesprekken die hij voerde.

Maar hoe is het OM aan die ‘bewijzen’ gekomen? Alles wijst er op dat het bewijs in elkaar geknutseld is. Dat daar een complot, laten we voortaan maar spreken over een Herenakkoord, aan ten grondslag ligt gaat voor de ten laste legging te diep en te ver. Voor een parlementair onderzoek zou het zich uitstekend lenen, daar niet van. De ‘complotgekte’ die het woord helaas teweeg heeft gebracht in maatschappij, (alternatief) medialand, overheid en politiek wordt dankbaar aangegrepen om het herzieningsverzoek onder uit te halen. En dat nu is m.i. het grote probreem voor Baybaşin.

Gelukkig heeft advocaat Van der Plas dat op tijd ingezien en een aanvulling op het Herzieningsverzoek geschreven en  het boek van Ton Derksen ‘Verknipt bewijs’ als novum toegevoegd.

De vraag is nu wat Advocaat Generaal Aben van de Hoge Raad met de bewijsvoering enerzijds anderzijds doet. Hij zoekt en hij onderzoekt nu al vier jaar, heeft de hulp ingeroepen van allerlei deskundigen, maar of die het kunnen vinden, het bewijs van het gelijk, enerzijds anderzijds, dat is de vraag en de verrassing.

L.D. Broersma

Baybaşin laat zich ‘verwennen’ in Norgerhaven

Bij de roestige spijker

op zaterdag 31 augustus 2013:

‘Levend begraven tussen beton’, zo beschrijft hij zijn situatie. Ik luister goed naar de man en ‘t grijpt mij aan, dit onrecht. Dat wil ik graag meehelpen recht zetten.

Op zaterdag 28 september 2013

„Op het Boublog las ik dat meneer Baybaşin inmiddels is verplaatst naar Veenhuizen te Norg waar een socialer regiem heerst.”

Ik wist toen eigenlijk nauwelijks iets over gevangenissen, behalve de verhalen over hoe goed de gevangenen in Nederland het hebben in vergelijking met buitenlandse gevangenissen.

Toen ik het Baybaşin zelf zo hoorde zeggen: „ik ben levend begraven tussen het beton”, schoot mij mijn eerste ansichtkaart, die ik hem stuurde op 12 december 2011, te binnen. De foto had ik genomen in een bouwput, dat ik bezocht en waarover ik verslag deed aan hem.

Ruim twee jaar later na die radiouitzending van Talk2Myra, dacht ik: „Wat zal die man gedacht hebben toen hij die ansichtkaart  kreeg.” Het enige groen dat hij zag in al die jaren was het groen in bijvoorbeeld tijdschriften en van de verf waarmee hij schilderde, en dan krijg je zo’n kaart!

Toen kwam er in september 2013 een verandering. Hij verhuisde naar  Norgerhaven en zag na veertien jaar voor het eerst weer gras, kreeg hij een tuin, een beetje kleur op zijn gezicht. En dan komt nu het bericht dat hij plaats moet maken voor gedetineerden uit Noorwegen.

Uit de krant:

„VEENHUIZEN – Fred Teeven maakte vorige week per brief bekend dat gevangenis Norgerhaven in Veenhuizen aan Noorwegen wordt verhuurd. Dat land zal, als de contracten opgesteld zijn, 242 gevangenen in Veenhuizen plaatsen. Dat zal ergens in de zomermaanden plaatsvinden. In Noorwegen zelf is geen ruimte meer. Maar komen er wel Noren? Of gaat het om buitenlandse gevangenen die in Noorwegen vastzitten? Bovendien zijn de huidige ‘bewoners’ van Norgerhaven boos. Achttien gevangenen- langgestraften en ‘levenslangers’- weigeren plaats te maken, al hebben ze waarschijnlijk niet heel veel te willen. Zij voelen zich thuis in Norgerhaven.

 De huidige bewoners van Norgerhaven hebben het niet voor niets goed naar hun zin. Om het voor de gedetineerden wat prettiger te maken, wordt getracht er een huiselijke sfeer te creëren. Met een eigen keuken en bijvoorbeeld een huisdier. Dergelijke faciliteiten zijn nergens anders in Nederland, zeker niet voor mensen die langer dan tien jaar moeten zitten.

De achttien bewoners spannen zelfs een kort geding aan tegen de Nederlandse Staat. De zaak komt eind februari voor. De huidige bewoners willen blijven of een vergelijkbare plek elders, met hetzelfde personeel.

Woordvoerder namens de gedetineerden is Judith Serrarens, die vaker de belangen van gedetineerden behartigt. Zij is net hogelijk verbaasd dat de Noren uitgerekend naar Norgerhaven in Veenhuizen komen, een gevangenis die dus goed bezet is. En dat terwijl gevangenissen in Scheveningen en Schiphol ruimte zat hebben.

De tekst van bovenstaand artikel suggereert vooral dat het hier om verwende gevangenen gaat, die wel veel willen, ‘maar ze hebben niet veel te willen’, zo schrijft de krant.

Goed voor de werkgelegenheid? Laat ik dit zeggen: De staat is goed in het bedenken van gelegenheidsargumenten.

Met hetzelfde personeel? Nou dat zijn er niet zoveel, zo vertelde mij een werknemer van Norgerhaven nog niet zo lang geleden. Het is namelijk ontzettend moeilijk iemand van het personeel aan de telefoon te krijgen.

En ik schoot in de lach toen ik las dat in Noorwegen geen ruimte meer is voor gedetineerden.

Uit wiens koker komt zo’n verhaal? Het is weer een walgelijk stukje suggestieve tekst, waar we als argeloze burgers met zn allen in mogen trappen.

De achttien gevangenen hebben het kort geding met behulp van advocaat Severijn gewonnen. Het besluit van Teeven mag ‘voorlopig’ niet worden uitgevoerd.

Baybaşin laat zich ‘voorlopig’ nog lekker ‘verwennen’ in Norgerhaven.

Lees ook: vraag aan Baybasin  zijn antwoord en de verboden chocoladeletter

 

 

Baybaşin: getapt en gesnapt?

September 2012 verscheen een reeks artikelen van de hand van de journalist Harry Lensink in Vrij Nederland. Het was de start van mijn betrokkenheid bij de zaak Baybaşin. Sedert september 2012 is er wel veel gebeurd, maar is er ook vooruitgang geboekt? Jazeker, Baybaşin heeft gisteren de zaak tegen Demmink gewonnen met het keiharde bewijs dat deze zijn dossier uit zijn cel had opgevraagd.

Het duurt allemaal wel lang, veel te lang. En daarin zit’em de kneep. Als ik terug kijk op mijn commentaren dan zie ik nuchtere analyses, maar ook boosheid en voel ik verdriet over hoe het gaat en is gegaan.

Ik neem u mee naar september 2012 ‘ De jacht op Joris Demmink’  en mijn commentaar daarop.

Ik schreef op: Lees verder Baybaşin: getapt en gesnapt?

vraag aan Baybaşin: zijn gevangenisbudget

3 februari 2015

Dear mister Baybaşin,

As soon as I put the phone down I knew the question that I wanted to ask you, and what the readers would like to know too, I guess.
You told me that you were not allowed to keep the stamps that I sent you, because you get a budget to spend, and with the value of the stamps you would go over the limit.
Could you tell me, and the readers, how much money Lees verder vraag aan Baybaşin: zijn gevangenisbudget

intimidatie of zinloos geweld

De dag na de zitting belde Baybaşin mij om me te bedanken voor mijn aanwezigheid. Hij vertelde dat de bewakers hem deze keer correct en zelfs vriendelijk hadden bejegend: hij was niet geduwd en er werd niet aan hem getrokken zoals die keer in Den Bosch. Ik zei: “Dat is mooi”. Je zegt het en tegelijkertijd besef je dat het eigenlijk helemaal niet mooi is, maar diep triest.

Het bracht me onmiddellijk terug naar die dag, 11 april 2014, in Den Bosch, waar Lees verder intimidatie of zinloos geweld

waarom zijn de bananen krom

De waaromvraag is de meest essentiële vraag, maar nauwelijks gesteld. Als kind word je al aangeleerd dat je niet te veel van die waaromvragen moet stellen en blijf je dat desondanks doen dan ben je al gauw een lastig kind en word je weggestuurd met een gemeenplaats als, ja waarom, waarom zijn de bananen krom. En daar moet je het dan mee doen. Ik heb er zelf ook vele malen aan meegewerkt, eerlijk gezegd. Niettemin blijft het de meest essentiele vraag die je kunt stellen, de vraag naar de oorzaak, de vraag naar motieven, de vraag die in de volwassen wereld niet altijd wordt gewaardeerd.

Ooit kwam een man naar mij toe die door een saneringsplan ontslag kreeg. Hij vroeg: Waarom ik? Ik zei dus: “Jongen, dat is de meest essentiele vraag die je kunt stellen”, en gaf hem de raad naar de directeur te gaan om hem die vraag voor te leggen. Ik zei: “En als hij je een heel verhaal vertelt, maar geen antwoord heeft gegeven op jouw vraag dan zeg je: “Ja maar het is me nu nog steeds niet duidelijk: Waarom moet ik vertrekken?” Hij heeft van de directeur nooit antwoord gekregen maar de vertrekpremie werd steeds hoger. Ik heb het hem later wel verteld onder de grootste geheimhouding uiteraard.

In bovenstaand voorbeeld werkte het financieel in het voordeel, maar vragen naar het waarom kan ook een heilloze, gevaarlijke of zelf onbegaanbare weg zijn.

Waarom ik? waarom Baybaşin?

Laten we ons nu eens verplaatsen in wat Baybaşin is overkomen: Hij komt in december 1995 naar Nederland als toerist, zoals dat heet, en wordt direct over de grens door een Nederlands arrestatieteam aangehouden en naar een detentiecentrum gebracht om uitgeleverd te worden aan Turkije. Hij weet dat hij in Turkije wordt gemarteld en mogelijk de doodstraf krijgt, omdat hij door de Turkse regering wordt beschuldigd van landverraad, in verband met zijn activiteiten voor een vrij Koerdistan, immers hij was medeoprichter van de Koerdische regering in Ballingschap in Brussel en in Den Haag. Hij vraagt daarom als de gesmeerde bliksem asiel aan.

Zijn advocaat bestrijdt met succes de uitlevering, maar het aantonen van de onrechtmatigheid van de arrestatie in 1995 is niet gelukt. Er moet een organisatie aan zijn arrestatie vooraf zijn gegaan, maar niets daarover is duidelijk geworden. Dat gegeven verdwijnt uit beeld. En toch was dat essentieel, want waarom vond Nederland zich gerechtigd Baybasin aan te houden danwel te arresteren direct over de grens?

Duidelijk is  dat de periode 1995-1998 geen aandacht mag krijgen in de media. Dat geldt overigens helemaal voor de zaak Baybaşin. Hoe dan ook, het verhaal is dat de arrestatie in 1998 helemaal losstaat van de aanhouding in 1995. Gesuggereerd wordt zelfs in de media dat Baybaşin als asielzoeker naar Nederland kwam.

Wat blijkt na zoveel jaren: een arrestatiebevel is er niet en is er ook nooit geweest. Aan de arrestatie ligt een diplomatiek verzoek van de Turkse -aan de Nederlandse regering ten grondslag, een Herenakkoord of Gentlemen’s Agreement, en dat is pas recent via het WOB verzoek van Ton Hofstede over deze kwestie duidelijk geworden. En zoals we weten komt daar niets van op papier en dan kunnen er wat tegenstrijdigheden ontstaan in de publieksvoorlichting van beide landen, zo valt te lezen in het artikel van Kees van der Plas:

„Op 27 maart 1998 organiseerde Murat Basesgioglu, de Turkse minister van Binnenlandse Zaken in allerijl een persconferentie. Die dag was in Nederland de vermogende Koerdische zakenman Huseyin baybasin gearresteerd. De minister eiste de eer voor zichzelf op: „Wij hebben Baybasin gearresteerd” zo zei hij dat letterlijk. En hij kon ook precies uitleggen waarom: „ Baybasin ondersteunt met grote sommen geld de Koerdische TV-zender Med-TV, het Koerdische parlement in ballingschap en de PKK. dat hebben we nu een halt toegeroepen.”

Het Nederlands Openbaar Ministerie legde het iets anders uit: Baybasin was gearresteerd omdat hij leider was van een ongekend groot misdaadconcern. Men ( let op niet wij of het OM) had vijf maanden zijn telefoon afgeluisterd. Hij verdiende miljoenen met zijn drugshandel en minstens twee keer had hij met zijn autotelefoon in code taal ( let op: make him call was de codetaal voor maak hem koud) vanuit Nederland een opdracht tot moord gegeven, in de Verenigde staten en Turkije.”

Meneer de rechter, wie spreekt hier de waarheid? Turkije of Nederland. Wat mij betreft is het een vraag naar de bekende weg, maar ik zou het u zo graag hardop willen horen zeggen.

De Raad van Discipline Wladimiroff-Baybasin

Het vrouwe justitia symbool is het symbool van rechtvaardigheid. Een geblinddoekte vrouw, met in de ene hand een weegschaal en in de andere hand een zwaard. Denkend aan de zaak Baybaşin krijgt dat zwaard toch een andere betekenis en is het in de handen van zijn rechters eerder een zwaard van Damocles.

Die weegschaal die weegt naar gelang het belang, zo kreeg ik de indruk. Dus welk belang weegt het zwaarst. Als je in de rechtszaal zit, zoals ik vorige week maandag, dan zie je Lees verder De Raad van Discipline Wladimiroff-Baybasin

Baybasin, Wladimiroff en de Raad van Discipline

“Ik eis een bewijs”, zei de voorzitter van de Raad van Discipline. Zo ongeveer dan, maar in feite komt het daar op neer, toen Baybaşin ter zitting uitlegde, op vragen van de rechter, hoe het was gegaan met de advocaat Wladimiroff voor wat betreft het betalen van zijn diensten.

De rechter zei: U hebt de zaak aangespannen, u moet bewijzen, en dus onderbrak de vz van de raad van Discipline regelmatig Baybaşin’s verhaal met: Heeft u daar een reçu van? of: Heeft u daar een kopie van gemaakt?

Baybaşin verdedigde zich en vertelde de voorzitter dat hij antwoord gaf op de vragen, door de gang van zaken te schetsen, maar dat hij de gevraagde bewijzen niet kon overleggen. Hij voegde daar aan toe dat binnen de gevangenis alles wordt geregistreerd, bovendien had hij post aan Wladimiroff aangetekend verstuurd, waarvoor hij per keer 13 euro moest betalen, dus het moest wel te achterhalen zijn.

Hij schetste de Raad hoe moeilijk het was om een dossier compleet en op orde te houden in de gevangenis, omdat het dossier keer op keer in beslag werd genomen en er zaken uit verdwenen. Ook het kopiëren in de gevangenis is niet eenvoudig te realiseren voor een gedetineerde.

Het dossier was meerdere keren vanuit zijn cel meegenomen, ook door Demmink en dat weet ik mij nog te herinneren uit één van zijn radio optredens bij Talk2Myra, en zelfs Peter R. de Vries heeft zijn dossier, onder het mom van mogelijk hulp, in vertrouwen meegekregen. Ook toen bleken er na teruggave stukken uit verdwenen.

Hoe dan ook de voorzitter van de Raad ging daar niet op in, in tegendeel het bleef: maar toch, maar toch, maar toch, meneer Baybaşin, u hebt deze zaak aangespannen, dus u moet bewijzen met reçu’s en kopieën etcetera, etcetera.

Het zal duidelijk zijn dat de tegenpartij Wladimiroff en zijn advocaat het hier roerend mee eens waren. En objectief gezien is dat standpunt juridisch zeker juist, maar was het redelijk? Nee, niet zoals het werd gebracht en niet na zoveel maanden van uitwisseling van standpunten. Vragen werden gesteld, die de rechters tijdens de voorfase van uitwisseling van standpunten m.i. ook hadden kunnen bedenken, maar werden bewaard tot de afrondende mondelinge bespreking, alsof die ter plekke spontaan bij hen opkwamen.

Dit  alles gebeurde tijdens de openbare zitting op 26 januari j.l. van de door Baybaşin aangespannen zaak tegen zijn voormalig advocaat Wladimiroff, die prompt ontkende ooit voor Baybaşin te hebben gewerkt. Hij wist van niks, kon zich niets herinneren en had nooit iets ontvangen, geen dossier, geen geld. Het waren slechts orienterende contacten die niet hebben geleid tot een werkrelatie. Zo zou ik het willen samenvatten.

De naam Demmink zei hem, als voormalig internationaal jurist, helemaal niets, totdat hij er door de tegenpartij mee werd geconfronteerd. Hij had ook nooit bemoeienis gehad met het besluit om het horen van een getuige in Turkije, die ontlastende verklaringen voor Baybaşin wilde afleggen tegenover de Nederlandse rechter commissaris, niet door te laten gaan. Dat was van een ander niveau, uitvoeringsniveau, zo beweerde hij glashard.

De rechters zwegen stil. De enkele vraag die Wladimiroff werd voorgelegd werkte in feite bevestigend voor zijn gelijk. Wat mij betreft vroegen de rechters vooral naar de bekende weg. Vragen waarbij je bij voorbaat al het antwoord weet, maar nog graag even uitgesproken wilt hebben? De voorzitter vroeg nog net niet aan de griffier: “Heeft u dat genoteerd?” De vragen werkten telkens in het nadeel van Baybaşin en in het voordeel van Wladimiroff.

‘Van der Plas en Baybaşin geloven in een complot’, sprak Wladimiroff,  op een soort van genoeglijk ons kent ons toontje, tegen de rechters.

Laten we dat zeer beladen woord in het vervolg maar achterwege laten, bedacht ik later, en het hebben over een Gentlemen’s Agreement of Herenakkoord, waar niets van op papier komt te staan. Kom er dan maar eens achter, als er zoveel obstakels worden opgeworpen. En hetgeen je dan ondanks de obstakels wel kunt bewijzen wordt genegeerd of geweigerd. Dat mag de rechter, volgens de wet, zonder enige verantwoording daarover af te leggen.

Van Wicher Wedzinga las ik ooit een tweet waarin hij beweerde dat een onvolkomen rechtsgang niet altijd tot een onjuist oordeel leidt. Hij schreef dat ter verdediging van het OM. Die onvolkomenheden in de rechtsgang heeft  Baybaşin ten volle mogen ervaren, keer op keer, echter in zijn nadeel. Ton Derksen heeft er een boek over geschreven: Verknipt Bewijs.

23 maart weten we meer, dan komt de Raad van Discipline met haar oordeel of met een tussenstandpunt. We wachten maar weer af, maar wachten duurt lang als je levenslang hebt gekregen.

 

p.s. : Toch heeft het hof van discipline Baybasin niet helemaal met lege handen laten staan. Kon ook moeilijk met het overlegde bewijs ( zie bij commentaren) De beslissing was als volgt:

“7 BESLISSING De Raad van Discipline: – verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn klacht voor zover die onderdeel a. betreft; – verklaart klachtonderdeel b. gegrond; – legt daarvoor aan klager de maatregel van enkele waarschuwing op. Aldus gewezen door jhr. mr. A.W. Beelaerts van Blokland, mrs. M.G. van den Boogerd, W.J. Hengeveld, P.J.E.M. Nuiten en P.C.M. van Schijndel, leden, bijgestaan door mr. M.M.C. van der Sanden als griffier en uitgesproken ter openbare zitting van 23 maart 2015.”

En punt b betreft uitsluitend de ‘schijn’ van belangenverstrengeling.

“5.17 Al met al is de raad van oordeel dat er in elk geval een schijn van belangenverstrengeling bestaat en dat die schijn door verweerder had moeten worden voorkomen. Met andere woorden, hij had in redelijkheid niet kunnen en mogen besluiten om voor Demmink te gaan optreden zonder daarvoor uitdrukkelijk de toestemming van beide partijen te vragen. Zodra hem bekend werd dat de kwestie te nauw verstrengeld was met de strafzaak tegen klager, had verweerder zich moeten onttrekken. Dat heeft hij niet gedaan en dat levert naar het oordeel van de raad een tuchtrechtelijk verwijt op. 5.18 De klacht is in zoverre gegrond.”

het kaartje dat voor opschudding zorgde

Ik kom uit een nette familie. Je mag een verhaal nooit beginnen met ik, maar er zijn uitzonderingen. Dus ik kom uit een nette familie.

Ik geloof niet dat er iemand van onze familie ooit in aanraking is gekomen met de politie of justitie, behalve een oom, een broer van mijn moeder, die mocht kiezen tussen het betalen van een boete of een week hechtenis, omdat hij een politieagent een mep had verkocht. Hij koos voor het laatste, want hij was reeds met pensioen en had toch niks te doen en een beetje zuinig op zn ‘centjes’ was hij ook wel. Kortom, na een jaar meldde hij zich, hij was toen al in de zeventig, met zijn koffertje bij de gevangenis. Hij vond het een avontuur, maar dat is het natuurlijk niet, zeker niet voor Baybaşin.

Zoals velen van jullie wellicht weten Lees verder het kaartje dat voor opschudding zorgde

Het Herenakkoord tussen Turkije en Nederland

In de kranten en tijdschriften valt keer op keer de volgende zin te lezen:
– In 1995 kwam de Koerd Baybaşin in Nederland terecht en vroeg asiel aan.
– De Koerd Baybaşin bevond zich in Nederland en vroeg asiel aan.
– PKKsympathisant Baybaşin kwam in 1995 naar Nederland en vroeg asiel aan.

Maar zegt een vluchteling of asielzoeker dat zo?
Ik kwam (toevallig) in Nederland terecht en dacht kom laat ik hier eens asiel aanvragen? Of: Nu ik me toch in Nederland bevind kan ik net zo goed asiel aanvragen?

Nee, normaal is dat je schrijft: Lees verder Het Herenakkoord tussen Turkije en Nederland